Mensen die losjes laten vallen dat ze ‘bij de fyisio lopen’, ik was er altijd jaloers op. Het is toch een soort statussymbool. Je kunt met gemak een uur later op je werk verschijnen. Want? Fysio! Geen baas die daar wat tegenin kan brengen. En reken maar op meer compassie dan wanneer je te laat bent omdat je je zieke kind naar je schoonmoeder moet brengen.
Ook al zo heerlijk: aantrekkelijke fysiotherapeuten. Vriendinnen deden hun mooiste setje aan voor hun wekelijkse afspraak bij die leuke jonge therapeut. Een uur per week een voet- arm- of nekmassage van zo’n type dat in z’n vrije tijd de Mount Everest beklimt. Bofkonten vond ik het.
Na de geboorte van mijn oudste kind, was ik snel genoeg genezen. Omdat hij spastisch is, krijgt hij al vanaf zijn eerste jaar intensieve fysiotherapie. En ergotherapie. En logopedie. Dolblij was ik toen hij de hele bubs aan behandelingen op school kreeg en ik geen wachtkamer meer van binnen hoefde te zien. Geen haar op mijn hoofd die eraan dacht om er voor mezelf te gaan zitten.
De inmiddels chronische slijmbeursontsteking in mijn linkerschouder, negeerde ik zo lang mogelijk. Dat hoort erbij als je voor je beroep de hele dag aan je computer gekleefd zit. En in je vrije tijd een steeds zwaarder wordend kind rolstoel in en uit tilt. Maar toen ik onlangs mijn arm alleen nog met een soort slingeraap zwaai in mijn jas kreeg, haalde ik bij mijn huisarts de ooit zo felbegeerde verwijsbrief.
Het was -uiteraard – een stuk minder gezellig dan ik gedacht had. Niks lekkere massage, niks lekkere therapeut. De mijne klonk als Maarten van Rossem, leek op Maarten van Rossem en draaide mij de nek om zoals ik me voorstel dat Maarten van Rossem het zou doen. Net zo lang tot er slechts nog een onherkenbaar piepend geluid uit mijn keel kwam. De volgende ochtend was het alsof iemand me met een honkbalknuppel in mijn rug had geslagen. Toch kon ik een kinderachtig gevoel van triomf niet onderdrukken. Ik loop bij de fysio. Ik hoor er eindelijk bij.

Geschreven op 19 apr 2012







3 reacties
Helaas ligt de waarheid toch echt anders. Veel patienten komen toch echt uit bittere noodzaak en is het zeker geen statussymbool. Ik zie van dichtbij hoeveel timmerlieden, stratenmakers, bouwvakkers, slagers etc fysiotherapie nodig hebben om niet voor hun 45ste afgekeurd te worden voor de arbeidsmarkt.
Het is zelfs zo dat fysiotherapeuten mensen die voor een ‘massage’ komen weigeren en verwijzen naar een massagesalon of welnesscenter.
Zover was ik ook wel hoor Floris. Maar bedankt voor je reactie.
Oh echt? Schrijf het dan op.