Bleker in bloei

Die Henk Bleker. Die heeft het toch niet makkelijk de laatste tijd. Dat kan haast niet anders, zó slecht als die man er uit ziet! Ik kijk naar Henk Bleker op televisie en bedenk me dat de gemiddelde junk een frissere verschijning is. Wat dat betreft staat het gezicht van de staatssecretaris prachtig symbool voor zijn natuurbeleid. Ingevallen ogen en wallen zo groot als perssinaasappelen. Een slechtere naam zou je voor de nieuwe Auping-reclame niet kunnen bedenken. De arme man slaapt al weken niet.

Waren het eerst nog alleen de protesten van milieuorganisaties die de staatssecretaris van Landbouw uit zijn slaap hielden, dan is daar nu zijn nieuwe vlam bijgekomen. Zoals zelfs de grootste televisie- of krantenhater inmiddels weet, zet Bleker tegenwoordig de enige nog niet wegbezuinigde bloemetjes buiten met een 26-jarige journaliste. Dat ze daarmee liefst tweeëndertig jaar jonger is dan hijzelf (respect, ouwe!), deert hem niet. “Het mooiste is als bestaande liefde altijd in bloei blijft.” Aldus de gescheiden bewindsman, die volgens opgedoken vakantiekiekjes van een Israëlisch strand zijn jonge blom minder rap laat verwelken, dan de rest van de Nederlandse flora. Ik weet niet wat het is met die Bleker. Hij krijgt het telkens weer voor elkaar om eerst de schijnwerpers op zich gericht te krijgen en vervolgens met een boerenaccent te vertellen dat hij eigenlijk een hele normale jongen is.

Henk Bleker. De man die een tweede huis lijkt te hebben in de studio van Pauw & Witteman. Ik zie hem nog zo dat beruchte briefje in de richting van Mauro schuiven. Of hij niet met Henkie naar het voetballen wou, stond er op geschreven. Nee, natuurlijk niet! Toen ik dat briefjesgeschuif zag gebeuren, dacht ik nog dat niemand dat ooit zou willen. Blijkbaar denkt een zekere NRC-journaliste daar anders over. Barbara Rijlaarsdam heet ze. Eerlijk gezegd ziet ze er best goed uit. Nou ja, in ieder geval in haar bikini op dat Israëlische strand. Daarom ook kan ik me met de beste wil niet voorstellen hoe zij op enig moment heeft gezegd: “Meneer Bleker, met dat dotje grijze krullen bovenop uw doorleefde hoofd mag u wel een keertje in mijn oor kriebelen.” Dat heeft ze ook niet gezegd. Hoop ik. Maar gedacht heeft ze het zeker. Het idee dat ergens in een bed in het noorden van Nederland een dorre, uitgeleefde brok natuur zich vermengt met een in bloei staand stukje paradijs, houdt nu ook mij uit mijn slaap. Natuur in Nederland wordt dodelijk verziekt door Bleker. Letterlijk en figuurlijk.